Historisch waren salons plekken waar denken, spreken en luisteren elkaar ontmoetten buiten de vaste instituten. Niet als onderwijs, niet als debat, maar als gedeelde aandacht. Wat er gebeurde, lag niet vooraf vast en werd niet afgerond in conclusies. Het ontstond in het samenzijn zelf.
In Salon Nieuw-Zuid kreeg dit vorm als een hedendaagse praktijk: kleinschalig, traag, zorgvuldig gekaderd. Gesprekken ontsproten niet aan een vooraf bepaald thema, maar aan nabijheid, tekst, stilte en wederzijdse aandacht. Wat gezegd werd, mocht blijven hangen. Wat niet gezegd werd, telde evenzeer mee.
Een salon is hier geen evenement en geen format. Het is een manier van samen zijn waarin ruimte wordt geopend zonder haar te beheersen, en denken ontstaat zonder sturing. Geen agenda, geen uitkomst, maar een aandacht die zichzelf serieus neemt.
Van daaruit is salonging ontstaan. Niet als uitbreiding, maar als verplaatsing.
Reizen wordt vaak voorgesteld als the road less travelled by, als het onderscheid tussen de klassieke pakketreis en de zelfgekozen omweg. Alsof betekenis ontstaat door af te wijken van een platgetreden pad, of door het juist nauwgezet te volgen. Alsof men zelf een weg moet aanleggen en die achteraf moet kunnen verantwoorden als een bewuste, uitzonderlijke keuze.
Daar vertrekt salonging niet van.
Niet van een weg die al bestaat.
Niet van een weg die nog gemaakt moet worden.
En ook niet van het verhaal dat men achteraf over de verplaatsing zou kunnen vertellen.
Wat hier blijft, is verlangen. Niet het verlangen om te reizen in commerciële zin, maar het verlangen om ruimte te ervaren zonder haar te moeten veroveren. Om te bewegen zonder te consumeren. Om elders te zijn zonder het eigene te verlaten.
In plaats daarvan vertrekken we van ruimte.
Ruimte verschijnt hier niet als decor of bestemming, maar als structuur die zich aandient terwijl men beweegt. Soms is dat een stad, soms een landschap, een interieur, een gedachtegang, een filosofie, een artistiek werk. Ruimte als iets wat zich ontvouwt, niet als iets wat wordt ingenomen.
Salonging verbindt ruimte met tijd, met geschiedenis, filosofie, literatuur en kunst. Niet als losse thema’s, maar als samenhangende manieren waarop betekenis kan ontstaan. Denken, kijken en bewegen vallen hier samen, zonder elkaar te forceren.
Dat kan op twee manieren.
Je kan achterover zitten in je salon en volgen wat zich ontvouwt: teksten, beelden, reflecties, verbanden. Je kan ook salonging doen: het salon meenemen in ruimte, in gedachten, soms ook in werkelijkheid.
Voorlopig is salonging een ontdekkingspraktijk. Geen reisprogramma. Geen belofte. Geen overeenkomst tot fysieke verplaatsing in groep met, bij hypothese, “salongers”. Wat hier gebeurt, is verkennen: van ruimte, van betekenis, van mogelijke vormen van samenkomen rond een verlangen om geen reiziger te zijn in commerciële zin.
Misschien groeit daaruit ooit het verlangen om dit ook werkelijk samen te doen, op verplaatsing. Misschien niet. Dat hoeft nu niet beslist te worden.
Voorlopig volstaat dit: geen road less travelled by, geen heroïsche omweg, maar een manier van reizen die ontstaat uit aandacht voor de ruimte zoals zij zich aandient, virtueel of werkelijk.
Eén beweging, in drie ademhalingen.
SALONGING is het werkwoord van rust. Niet neerzitten om te stoppen, maar om aanwezig te worden. De salon als tussenruimte: niet onderweg, niet aangekomen. Een plek waar tijd zijn jas uittrekt en even blijft hangen.
LONGING is de spanning in de koffer. De herinnering dat dit meubel ooit wilde reizen. Het verlangen naar elders dat niet verdwijnt wanneer je gaat zitten, maar stiller wordt, draaglijker, deelbaar.
BELONGING is wat gebeurt wanneer de koffer ophoudt object te zijn en plaats wordt. Wanneer mobiliteit geen vlucht meer is, maar iets wat je mag neerzetten zonder het te verraden.
Samen vormen ze een kleine filosofie van wonen in beweging.
Je hoeft niet te kiezen tussen blijven en gaan.
Je mag zitten met je verlangen,
en thuiskomen zonder te sluiten.